Deze week konden we eindelijk de eerste muziek met jullie delen! Over my Dead Body is te vinden op YouTube en Soundcloud en is een voorproefje van At Wits’ End, het album dat op 12 november uitkomt. Na het uitbrengen van de single is het deze donderdag weer tijd voor een nieuwe ‘Shoulders of Wie?’, waarin we ingaan op de muzikale achtergrond van de bandleden van Shoulders of Giants. Wie zijn hun inspiraties? Hoe zijn ze begonnen met muziek maken? Vandaag is de beurt aan Mark, onze grote kleine frontman! 

Live @ Crossroads Kaatsheuvel (c) Ted Gijsman

Dus, Mark, wie ben je en wat doe je?

Nou, ik ben dus Mark van Bavel. Net als de andere jongens studeer ik in het vierde jaar van de Rockacademie in Tilburg. Zoals Daniël al schreef wonen we samen in huis. Super vermoeiend met die gast… Nee, haha, grapje. Hartstikke gaaf om met zo’n FIFA-talent samen te wonen. Dan leer je nog eens wat!

Hoe ben je begonnen met muziek maken?

Dat is de schuld van mijn pa en ma. Zij stuurden mij toen ik 11 jaar oud was naar Algemene Muzikale Vorming op de muziekschool in Gilze. We leerden daar de basis van muziek maken: noten lezen, ritmes tikken, stukjes zingen en zelfs een beetje piano spelen. Ik vond er maar niks aan. Wide eigenlijk liever buiten spelen. Na die lessen werd me afgeraden om gitaar te gaan spelen of te gaan drummen: daarvoor zou mijn ritmegevoel niet genoeg zijn ontwikkeld. Ik was lekker eigenwijs en ben gewoon op gitaarles gegaan.

Ik kreeg mijn allereerste gitaar: een akoestische gitaar van de Lidl! Het was meteen aan. Vol enthousiasme ging ik ermee naar gitaarles, studeerde ik thuis in de woonkamer (sorry pap en mam) en leerde ik heel snel meer over het beestje. Ik had de smaak goed te pakken.

(c) Ted Gijsman

(c) Ted Gijsman

Snel volgden de bandjes, want dat was toch wel het allervetste. In de eerste klas van de middelbare school begon ik met vrienden ons allereerste bandje: Smart Day. We speelden covers, maar probeerden ook voorzichtig al wat te schrijven. Later kwam ik nog als bassist in Remain. We kregen begeleiding van de meest enthousiaste en gedreven muzikanten van Rijen en er kwamen zelfs mensen naar ons kijken. Keivet!

Al die ervaringen van de eerste twee bandjes nam ik mee naar mijn derde band: Flathead. Dé rockcoverband uit Rijen! Als jonge mannekes rockten we heel Rijen en omstreken bij elkaar. Ik vond het fantastisch! Samen naar optredens toe met pa als trouwste fan en roadie en vaste prik na de repetitie even een pilske bij ’t Vat. Rocksterren pur sang, maar dan alleen in Rijen.

Waarom wilde je muzikant worden?

Ongeveer rond de tijd dat ik bij Flathead kwam, zag ik ook op de website van Di-Rect dat ze heel graag eens voor de Foo Fighters zouden openen. Ik had nog nooit van Foo Fighters gehoord, maar ik vond Di-rect gaaf, dus die naam bleef hangen. Op 07-07-07 speelden de Foo Fighters live op mijn tv op Live Earth. Boem. Ik was fan. Wat die gasten deden vond ik zó ongelofelijk vet dat ze mijn hele visie op muziek met dat optreden hebben veranderd. Ik wilde ook zo zijn. Vanaf toen heb ik mijn haar laten groeien, een veel te grote Epiphone-gitaar gekocht en ben ik al hun songs gaan instuderen. Dat optreden heeft ervoor gezorgd dat ik muziek wilde maken voor het eggie.

 

Wat is je rol binnen de band?

Naast muziek maken ben ik ook heel veel bezig met het productieproces en maak ik veel uren in studio’s achter de knoppen. Ik ben dan ook meteen die technische guy van de band. De preproducties en demo’s opnemen, het contact met technici onderhouden en actief bezig zijn met de totale bandsound.

Die productieachtergrond zie ik ook terug in het schrijfproces. Ik schrijf geen riffs, zanglijnen of teksten, maar ik kom juist pas goed tot mijn recht als die ideeën bij elkaar gebracht worden. Hier een gitaartje meer of minder, een andere voicing, een beetje dit of een beetje dat… Eigenlijk het inkleuren van de lijnen die met die eerste ideeën al geschetst zijn.

“Of het niet gek is dat ik de teksten niet schrijf?” Nee. Helemaal niet, vind ik. Het werkt voor ons heel goed zo. Daniël heeft een verhaal te vertellen en kiest daar prachtige woorden bij. We hebben dan vaak een goed gesprek over waar de song over gaat en ik geef er dan een betekenis aan. Soms herken ik me helemaal in de situaties die Daniël beschrijft, maar vaak ook niet. Dan vertel ik mijn eigen verhaal, maar met Daniël zijn woorden.

 

Wie zijn je belangrijkste invloeden?

Nou komt ie… Foo Fighters! Dat zal vast geen verassing meer zijn. Ze schrijven eigenlijk super goede songs, al zijn die verstopt in dikke drums en veel gitaren. Dat is meteen ook de kern van mijn muzieksmaak. Ik hou van rockmuziek, maar de song is altijd het belangrijkste. Daarom ook mijn liefde voor de alternatieve rock uit de jaren ’90. Nirvana, Pearl Jam, Red Hot Chili Peppers, Oasis… Zij deden dat precies!

Doordat ik in mijn dagelijkse leven al zo veel bezig ben met nieuwe muziek maken, zoek ik in mijn vrije tijd niet zo veel nieuwe muziek op. Ik luister gewoon wat ik vet vind en dat is prima. Ik hoorde laatst voor het eerst “Megalomaniac” van Incubus in de auto onderweg naar een optreden. De band snapte er niks van dat ik dat nog nooit had gehoord, haha!

De laatste tijd stap ik steeds vaker uit mijn vertrouwde alternatieve hoekje, want ook daarbuiten worden gewoon super goede songs gemaakt. De lieve popliedjes van Lianne La Havas, de discovibe van Daft Punk, de techno van Gaiser, het is allemaal vet! Check ze maar gewoon in het lijstje hieronder, want het is veel te veel om allemaal op te noemen!